Jarenlang keek ik vanachter mijn laptop naar de webcam van Brooks Falls in Alaska. Bruine beren op een waterval, wachtend tot er een zalm hun bek in springt. Ik kon er uren naar kijken.
En toen stond ik er ineens zelf. Meer beren dan mensen. De hele dag kijken hoe ze vissen. Geen webcam die daar tegenop kan.
Beren vinden kost moeite
In Californië zag ik ook regelmatig beren. In Yosemite, maar vooral in Sequoia. Op een gegeven moment eigenlijk altijd. Maar dat gaat niet vanzelf. Je moet vaak gaan, en heel vroeg.
De eerste keer kamperen in berengebied vond ik best spannend. Elk geritsel bij de tent was een beer. Nu ik er zoveel heb gezien, vind ik dat wat overdreven. Respect houd ik wel. Het blijven wilde dieren.
Mijn beste berentrip was in mei in Canada: 17 beren. En in Yellowstone zag ik de grizzly. Machtige dieren.

Het mooiste berenmoment was niet eens van mij
Op een dag stonden er twee bekenden uit het dorp bij mij in Californië. Ze reisden al maanden door Canada en Amerika. Beren gezien? Nog niet één. Ik wist niet wat ik hoorde.
Dat weekend nam ik ze mee naar een beekje bij Lake Tahoe. Binnen een paar uur hadden we ze. Meerdere zelfs. En als toegift vloog er een Amerikaanse zeearend over. Ook een eerste voor hen.
Toen wist ik het. Alleen uren zoeken naar wild kan ik prima. Maar die kennis en dat enthousiasme delen, en dan die gezichten zien, dat is nog veel mooier. Ik wilde reisleider worden.

Finland
Dat ik nu zelf een groep naar de beren in Finland mag begeleiden, voelt nog steeds bijzonder. Peter van der Veen was daarin mijn mentor, en daar ben ik hem dankbaar voor.
Een berenhut is luxe en behelpen tegelijk. Een bed, een raam en een bakkie thee. Meer heb je niet nodig. Het is er doodstil, en toch zit je constant op het puntje van je stoel. Want elk moment kan er iets uit het bos stappen. Voor mij is dat meditatie. Er is alleen het hier en nu.

Het mooiste is als er een moeder met kleintjes komt. Die welpen spelen, klimmen, vallen en klimmen weer. Je weet niet waar je moet kijken.
Aan het meer is het weer anders. Daar verandert het uitzicht ieder uur. Dan weer zon, dan weer mist die over het water trekt. En als er dan een beer het water in loopt en gaat zwemmen. Wow.


Eén keer ging er een beer vlak naast mijn hut liggen slapen. Zo dichtbij dat ik mijn groothoek erop kon zetten. Dat vergeet ik nooit meer.
De vraag
Hoe overleeft een beer een half jaar zonder eten?
In de taiga ligt maandenlang sneeuw. Er zijn geen bessen, geen mieren, geen vis. In Finland kruipt een beer rond oktober zijn hol in en komt hij pas in april weer naar buiten. Al die tijd eet hij niets, drinkt hij niets en plast hij niet.
Het antwoord
Het begint in de nazomer. Dan eet een beer zich letterlijk vol: bessen, mieren, aas, alles wat hij kan vinden. In die weken komt er soms meer dan een kilo per dag bij. Dat vet is zijn brandstof voor de hele winter.
In het hol gaat alles op een laag pitje. Zijn hart klopt soms nog maar tien keer per minuut. Zijn temperatuur zakt maar een paar graden, en dat is slim: zo blijft hij half wakker en kan hij zich verdedigen als het moet.
Het mooiste trucje zit vanbinnen. Afvalstoffen die bij ons in de urine verdwijnen, bouwt een beer weer om tot eiwit. Daardoor blijven zijn spieren en botten sterk. Een mens die een half jaar in bed ligt, kan daarna nauwelijks nog lopen. Een beer stapt in het voorjaar zo het bos in.
En dan de moeder. Beren paren in de vroege zomer, maar het embryo nestelt zich pas in de herfst in. En alleen als ze vet genoeg is. Is de zomer slecht geweest, dan komen er gewoon geen jongen. In januari of februari worden de welpen geboren, midden in de winter, in het hol. Ze wegen dan nog geen pond. Maandenlang zoogt ze ze, zonder zelf ook maar iets te eten.
Waarom een alleseter?
Beren stammen af van vleeseters. Je ziet het nog aan hun grote hoektanden. Maar in het noorden is vlees onvoorspelbaar, terwijl ander voedsel in pieken komt: vers gras en kruiden in het voorjaar, zalm in de zomer, bessen in de herfst. De beer werd een alleseter die van elke piek profiteert. Achter in zijn bek zitten brede, platte kiezen om planten te malen.
Daarom stond ik in Brooks Falls tussen beren die zalm vingen, en zie ik in Finland beren die urenlang gras en mieren eten. Het is hetzelfde soort dier, dat eet wat het seizoen hem geeft. En omdat al die pieken in de winter wegvallen, is opvetten en slapen de enige oplossing. Wegtrekken is voor zo’n zwaar dier te duur.

Vechten en zorgen
Mannetjes zijn veel groter dan vrouwtjes. Ze vechten om de vrouwtjes, en de grootste en sterkste wint. Zo’n groot mannetje is ook een gevaar voor welpen die niet van hem zijn. Daarom houdt een moeder haar jongen zo dicht bij zich, en leert ze ze in twee tot drie jaar waar in elk seizoen het voedsel te vinden is.
Zo heeft het landschap de beer gevormd. Een plek waar de helft van het jaar niets te halen valt, laat alleen dieren over die de winter kunnen overbruggen.

Terug naar het moment
Sinds ik dit weet, kijk ik anders naar die zomernachten in de hut. De beer die naast mijn hut lag te slapen, de beren die urenlang voor het raam lopen te eten: het draait allemaal om vet voor de winter.
En als er een moeder met welpen uit het bos stapt, weet ik dat zij vorig jaar genoeg heeft gegeten. Elke welp die je in juni ziet spelen, is een geslaagde winter. Ze blijven anderhalf tot tweeënhalf jaar bij hun moeder. Dreigt er gevaar, bijvoorbeeld van een mannetje, dan stuurt ze ze de boom in. Daarom zie je welpen zo vaak tegen een stam omhoog klimmen.
Nog op mijn lijst
Dit verhaal is nog niet af. Deze beelden mis ik nog, en ik vul ze aan zodra ik ze heb:
- Een beer die zich in de herfst volpropt met bessen
- Een beer in de eerste sneeuw, op weg naar zijn hol
- Een moeder die in het voorjaar met haar pasgeboren welpen naar buiten komt
- Een moeder die haar welpen zoogt
- Twee beren die met elkaar vechten
- Een familieportret van een moeder met al haar welpen in één beeld
Logboek
Elke keer dat ik deze soort opnieuw tegenkom, schrijf ik het hier op.
- Finland, juni
Begeleid mijn eerste groep in de berenhutten. Moeders met welpen, een zwemmende beer in de mist, en een beer die naast mijn hut lag te slapen. - Yellowstone
Mijn eerste grizzly. Machtig. - Canada, mei
Mijn beste berentrip: 17 beren. - Brooks Falls, Alaska
Na jaren de webcam: meer beren dan mensen, de hele dag vissende beren. - Californië
Zwarte beren in Yosemite en Sequoia. Bij Lake Tahoe liet ik twee vrienden hun eerste beren zien.
Veldnotitie
Plek: berenhutten in de taiga van Oost Finland, vlak bij de Russische grens.
Seizoen: juni. Het wordt niet echt donker en het mooiste licht valt laat op de avond en diep in de nacht.
Camera: Sony A1. Bij weinig licht zet ik hem op ISO 500. Daar schakelt de sensor over op een tweede versterking, waardoor je daarboven minder ruis hebt dan je zou verwachten.
Het belangrijkste in de hut is paraat blijven. Vechtende beren, een zeearend die naar beneden duikt, spelende of juist bange kleintjes: een moment is zo voorbij. Je moet je camera blind kunnen bedienen. Dat is niet altijd makkelijk, met weinig slaap en als je na een paar dagen al een beetje verwend bent met beren.
Zelf meemaken? Bekijk de berenreis naar Finland bij Nature Talks.











